Wet justitiële gegevens
Een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) wordt verstrekt namens de Minister van Veiligheid en Justitie als er geen justitieel bezwaar bestaat voor het uitoefenen van iemands functie. De VOG is voor medewerkers in het onderwijs verplicht. Naar aanleiding van een VOG-aanvraag wordt onderzoek verricht naar de strafrechtelijke integriteit van de aanvrager. Op die manier kan onderwijspersoneel dat in het verleden een zedenmisdrijf heeft gepleegd worden geweerd uit het onderwijs.
Aanscherping afgifte VOG
Vanaf 2004 barstte een maatschappelijk en in de politiek een discussie los over de afgifte van VOG's omdat er in het onderwijs nog steeds personeel voor de klas stond met een zedenmisdrijf op de kerfstok. De toenmalige minister van Justitie scherpte daarop de regels voor de afgifte van Verklaringen Omtrent het Gedrag aan (januari 2007). Per augustus 2010 is een VOG ook verplicht voor overblijfkrachten in het onderwijs. De laatste ontwikkelingen rond de VOG staan beschreven in het PPSI-informatieblad. (Zie link onderaan deze pagina).
Verantwoordelijkheid scholen
Ondanks de aangeschepte maatregelen geeft een VOG geen garantie dat personeel op school nooit betrokken is geweest bij een zedenzaak. De school dient zelf verantwoordelijkheid te nemen en de integriteit van personeel na te gaan. Hoe u dit kunt doen leest u in het PPSI-informatieblad VOG hoe staat het daarmee? U kunt het gratis aanvragen via de helpdesk van PPSI.
Meer informatie
Heeft u vragen of wilt u advies over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van PPSI via tel: 030-2856762 (schooldagen van 9-13 uur) of via ppsi@aps.nl. Bekijk ook de veelgestelde vragen over dit onderwerp.