contact       sitemap       CSV-portaal

De Wet bestrijding seksueel misbruik en seksuele intimidatie in het onderwijs verplicht tot het zorgvuldig omgaan met een vermoeden van strafbare feiten gepleegd binnen de schoolsituatie.

Meld- en aangifteplicht
Deze wet ook wel de Meld- en aangifteplicht genoemd, is van toepassing op situaties waarin sprake is van een mogelijk zedendelict  tussen een medewerker van de onderwijsinstelling en een minderjarige leerling (jonger dan 18 jaar). Denk daarbij aan:

  • Ontucht
  • Aanranding
  • Verkrachting
  • Grooming
  • Schennis van de eerbaarheid
  • Seksuele handelingen tonen
  • Kinderporno bezitten en bekijken
  • Seksuele relatie met minderjarige
  • Seksuele relatie binnen afhankelijkheidsrelatie

De handelingen moeten hebben plaatsgevonden tussen een medewerker van de onderwijsinstelling en een minderjarige leerling, binnen of in samenhang met de schoolsituatie. Onder een medewerker van de instelling vallen niet alleen personeelsleden, maar ook personen die buiten dienstverband werkzaamheden verrichten voor de school, zoals stagiaires, schoonmaakpersoneel en vrijwilligers. In samenhang met de schoolsituatie verwijst naar bijvoorbeeld buitenschoolse activiteiten, ontmoetingen in de privé-situatie, enzovoorts.

Doel
Doel van de wet is voorkomen dat scholen strafzaken intern oplossen met als mogelijk gevolg dat die medewerker op dezelfde school of elders opnieuw een zedendelict pleegt.

Melden
Een personeelslid is meldplichtig aan het bevoegd gezag bij een vermoeden van een zedenmisdrijf. Een externe vertrouwenspersoon is niet in dienst van de school en heeft daarom geen meldplicht.

Aangifte doen
Het bevoegd gezag is verplicht aangifte te doen bij politie/justitie na een melding van een vermoeden van een zedenmisdrijf. Het bevoegd gezag treedt eerst in overleg met de vertrouwensinspecteur. Als deze concludeert dat er sprake is van een 'redelijk vermoeden' dan wordt door de school aangifte gedaan.

Informeren
Als het bestuur overgaat tot aangifte, informeert het bestuur vooraf betrokken ouders en de aangeklaagde. Als de officier van Justitie besluit om niet tot vervolging over te gaan moet het bestuur de ouders hiervan ook in kennis stellen.

Wettekst
Wet bestrijding van seksueel geweld en seksuele intimidatie in het onderwijs/Meld- en aangifteplicht (1999). Lees Artikel 4: Verplichting tot overleg en aangifte inzake zedenmisdrijven.