Misbruik van gezag
Een leerling is minderjarig als deze jonger is dan 18 jaar (artikel 1:233 van Burgerlijk Wetboek). Volgens artikel 249 van het wetboek van strafrecht is diegene strafbaar die: "...ontucht pleegt met (...) een aan zijn zorg, opleiding of waakzaamheid toevertrouwde minderjarige (...)". Over de vraag of de leeftijd van het slachtoffer een rol speelt bij Artikel 249 bestaat discussie. Soms doet een rechter een uitspraak waarbij het leeftijdbeginsel niet doorslaggevend is. De rechter oordeelt dan dat er sprake is van het plegen van een strafbaar feit op basis van 'misbruik van gezag'.
Zedenwetgeving
In de zedenwetgeving wordt ontucht bestraft tot een leeftijd van 16 jaar. (artikel 244, 245 sr) en is er geen aanklacht nodig als het gaat om nauwe gezagsrelaties (leraar-leerling) voor het vervolgen van de dader. Boven de leeftijd van 16 jaar is ontucht ook strafbaar (artikel 246 sr) maar het moet dan wel gaan om niet vrijwillige seksuele handelingen en er is een aanklacht van (de ouder van) het slachtoffer nodig om de dader te kunnen vervolgen.
Meldplicht
Personeel dat op de hoogte is of een vermoeden heeft van een relatie tussen een medewerker van school en een minderjarige leerling is wettelijk verplicht hier melding van te maken bij het bevoegd gezag (zie Meld- en aangifteplicht)
Voor vragen over dit onderwerp kunt u contact opnemen met de helpdesk van PPSI bereikbaar op schooldagen van 9.00 tot 13.00 uur op telefoonnummer 030-2856762 of via de e-mail: ppsi@aps.nl.